Vandaag is het VN verdrag voor de rechten van de mens van
kracht geworden in Nederland. Het
verdrag was al wettelijk aangenomen, maar vanaf vandaag in praktijk bekrachtigd.
Dit verdrag staat onder andere voor inclusie.

Inclusie is de insluiting van achtergestelde groepen op
basis van gelijkwaardige rechten en plichten en staat vooral voor integratie
van de beperkte mens.

In praktijk betekent het voor de teams van Hulphonden voor
Autisme dat de assistentiehond niet langer geweigerd mag worden in openbare
gelegenheden in brede zin.

Da’s prettig en broodnodig want de assistentiehond is, in onder meer mobiliteit en de sociale cirkel, een noodzakelijke
ondersteuning.

De assistentiehond voor mensen met een psychische beperking
verdient nog veel meer bekendheid, en voor de ge-team-trainde
assistentiehond geldt dit in het bijzonder. De
eigenaren van deze honden kampen met veel lastige vragen en onbegrip. Allereerst roept het beeld van een schijnbaar
gezond, ziende, goed fysiek functionerende persoon vragen op.

Team Sam heeft vrij toegang tot een winkel van hun keuze.

“Waar is deze hond voor?”,
“Wanneer gaat de
hond naar zijn definitieve plek?”, zijn terugkerende vragen.
Confronterende en soms pijnlijke vragen, die
lang niet altijd beantwoord kunnen worden. Want: waarom zou je moeten uitleggen wat je beperking is?
Maar ook: hoe
leg je uit dat je je eigen hond opleidt en waarvoor je hem zo keihard nodig
hebt?

Als begeleider word ook ik dagelijks geconfronteerd met dit
soort heikele momenten.
Zo sta ik bijvoorbeeld regelmatig aan kassa’s tijdens winkeltraining met teams en worden door
omstanders of caissières te pas en
vooral te onpas vragen gesteld aan eigenaren en zodra duidelijk wordt dat de
hond van henzelf is wordt plotsklaps het gesprek met mij voortgezet,…
En ik hoor anekdotes over moeizame discussies met familie of vrienden omtrent
de noodzaak van de hulphond en “…of het allemaal wel zo nodig is,..”,
“Je bent toch niet blind?” of “Je kunt het best wel zonder zo’n
hond!”

De toegankelijkheid van de assistentiehond is een groot goed
en zeer belangrijke stap die in praktijk
vorm zal moeten krijgen.

Maar toegankelijkheid is meer. Het is: volwaardig en volledig mee kunnen draaien in de
maatschappij, zonder aanziens des beperking of stoornis.
En het betekent dus dat een team niet ter
discussie wordt gesteld, vrij op pad
kan, niet wordt aangestaard en gestoord wordt door het afleiden van de hond of
het stellen van vragen over de beperking.

“Waarvoor heb je deze hond?” is een zeer onbeschofte vraag.

“Vroeger kon je het ook zonder hond!” is een
kwetsende en suffe opmerking.

Inclusie is een veelzeggende term voor iets wat eigenlijk
een normaal gemeengoed zou moeten zijn, namelijk: iedereen in de maatschappij heeft
evenveel kansen. Kansen op passend onderwijs en arbeid, het hebben
van interactie met ongeacht wie, mobiliteit, gezondheidszorg en bovenal:
vrijheid.

De vrijheid om te mogen zijn wie je bent of te mogen worden
wie je wilt zijn.
InclusieF assistentiehond!